|
VOORLOPIGE
INHOUDSOPGAVE
VAN HET PROMOTIEONDERZOEK VAN
EVERT JAN OUWENEEL
WAAR IS DE MENS
Leer van de amorele en positionele
mens
Inleiding
AMORALITEIT
1. Over de natuurlijke geneigdheid
tot amoraliteit
2. Aanzet tot een leer van de amorele mens 3. De
amoraliteit van de liefde
POSITIONALITEIT
4. Over de
natuurlijke geneigdheid tot positionaliteit 5. Aanzet tot
een leer van de positionele mens 6. De positionaliteit van
de gelijkwaardigheid
ANTROPOLOGIE
7.
Naar een leer van de amorele en positionele mens
7.1.
De identiteitscrisis van de westerling 7.2.
Westerse pogingen de crisis te bezweren 7.3.
Antropologische beeldspraak in Genesis 7.4.
Strijd in de menselijke ziel
8. De mens als
aristocratische ziel
8.1. De mens als aristocraat 8.2.
Bewerkende en bewarende aristocraten 8.3.
Mannelijke en vrouwelijke aristocraten 8.4. De
hof, antropologisch beschouwd
9. De mens als levende ziel
9.1. Adamah en neshamah 9.2. Roeach en neshamah 9.3.
De twee gedaanten van neshamah 9.4. Neshamitische en adamitische drijfveren
10. De mens als plurale ziel
10.1. De zielevraag 10.2. De geestesvraag 10.3.
De lichaamsvraag 10.4. De grondstemming
11. De mens als vertwijfelde ziel
11.1. De hoogmoed van het kwaad 11.2. De idolatrie van het kwaad 11.3. Schaamte en vrees 11.4. De dood als
vervreemding 12. De mens als verloste ziel
12.1.
Verlossing door amoraliteit
12.2. Verlossing door positionaliteit
12.3. Verlossing door aristocratie
12.4.
Verlossing door de hoop
Uitleiding Literatuur
Niet gewijzigd sinds:
02 augustus 2007.
|